Formule 1 9 mrt 2019 Jan De Raab

Bonuspunten in de Formule 1: geen goed idee

Een dikke twee jaar geleden verdween Bernie Ecclestone van het toneel bij de Formule 1 nadat Liberty Media het miljarden circus had overgenomen. Van een doorslaand succes is echter twee jaar later nog geen sprake. Ondanks de vele wijzigingen die zijn doorgevoerd is het wel spannender geworden voor jonge en dus nieuwe fans, maar echt transparant is de Formule 1 nog niet.

Onduidelijkheid in de Formule 1

Afgezien van de puntenverdeling op basis van de uitslag per Grand Prix is er nog veel onduidelijkheid. Zo zijn er gridstraffen, complexe motorreglementen, tijdstraffen tijdens de race, nieuwe namen voor dezelfde kleur banden et cetera. Zo heel af en toe worden er proefballonnetjes opgelaten om de sport nog dynamischer te maken. De belangrijkste suggesties en voorstellen zetten we even op een rij.

WK-punten Formule 1 voor de eerste 15 i.p.v. de eerste 10 coureurs

Een aardig voorstel heeft betrekking op de puntenverdeling. Momenteel krijgen de nummers 1 tot en met 10 WK-punten. Ben je nummer elf, dan pies je er dus naast ondanks al je inspanningen. Het idee is om dit door te trekken naar de eerste vijftien. Dat lijkt sympathiek omdat je dan dus ook de minder goed presterende teams beloond voor de inzet. Het nadeel is echter dat in een beperkt speelveld, met zeg 20 deelnemers, het voor kan komen dat ook wagens die uitvallen een of meerdere WK-punten krijgen. Geen goed idee dus, het devalueert de waarde van de WK-punten.

Extra punten voor poleposition

Verandering nummer twee dan maar: bonuspunten voor het verkrijgen van poleposition. Het voorstel is niet geheel nieuw omdat het lang geleden ook al eens was ingevoerd om vervolgens verbannen te worden. Alhoewel het een sympathiek idee is, voegt het niks toe. Dat ene extra puntje gaat het verschil niet maken, tenzij je er een extra voorwaarde aan gaat verbinden. Bijvoorbeeld dat een dergelijk extra punt pas wordt gegeven als de coureur in kwestie ook bij de eerste tien eindigt. Daarnaast is de gedachte dat het de sterkere teams als Mercedes, Ferrari en Red Bull zou bevoordelen, verdedigbaar. Echter, met een maximaal van 525 te behalen punten zal dat ene extra punt geen zoden aan de dijk zetten. Een bonuspunt zal de WK-strijd allerminst op zijn kop zetten en ook niet zorgen voor verrassingen.

De snelste rondetijd

Datzelfde geldt ook voor het derde voorstel, het toekennen van een bonuspunt aan de rijder met de snelste rondetijd. Deze regel zal het komende seizoen van kracht worden, maar ook dit zal het niet spannender gaan maken. Een GP wordt namelijk niet beslist op basis van rondetijden, maar door teamstrategie. In 2018 domineerden de top drie teams zo gigantisch dat ze in twintig van de eenentwintig races het bonuspunt veroverden.

Snelheid is geen doel op zich

Daarnaast zou het behalen van de snelste rondetijd ook geen doel op zich zijn voor de meeste teams. In veel gevallen gaat die ‘titel’ naar de coureur met een afwijkende strategie of juist naar de verliezer van de dag. Het idee om een punt toe te kennen aan de coureur met de snelste rondetijd is daarnaast alles behalve slim. Het zou juist extra druk leggen op teams die niets meer te verliezen hebben, om zodoende toch nog een puntje te pakken. Een andere tegenargument is dat er weinig coureurs zullen zijn die hun motor overmatig zwaar willen belasten. Er zijn nou eenmaal weinig teams die het zich kunnen veroorloven om het risico te lopen de motor op te blazen voor dat ene puntje. Een ander punt is het risico op een gridstraf bij overmatige slijtage. Op die manier wordt dat ene WK-puntje een dure aangelegenheid.

Racingnews 365

Reageer op artikel:
Bonuspunten in de Formule 1: geen goed idee
Sluiten